Een uitgebreid aanbod aan btw-opleidingen

Delen

Diverse btw-aanpassingen (schenking voedseloverschotten, btw-aftrek proeverijen sterke drank, …)

De wet van 30 juli 2018 houdende diverse bepalingen inzake btw werd gepubliceerd (BS 10 augustus 2018).

Meer bepaald gaat het om wijzigingen inzake:

1) de schenking van voedseloverschotten: geen onttrekking toe te passen voor het gratis verstrekken voor liefdadigheidsdoeleinden van voedingsmiddelen bestemd voor de menselijke consumptie, met uitzondering van geestrijke dranken, waarvan de intrinsieke kenmerken niet meer toelaten dat ze, in gelijk welke schakel van het reguliere economische circuit, worden verkocht tegen de oorspronkelijke commercialisatievoorwaarden (art. 12, § 1 WBTW; ook nog verdere uitwerking in een nog te publiceren KB)

2) de btw-vrijstelling van toepassing op diensten inzake maatschappelijk werk, sociale zekerheid en bescherming van kinderen en jongeren: toevoeging aan de btw-vrijstelling van gemeenschappelijke interne diensten die voldoen aan de voorwaarden van het KB van 27 oktober 2009 betreffende de oprichting van een gemeenschappelijke interne dienst voor preventie en bescherming op het werk (art. 44, § 2, 2° WBTW)

3) de btw-vrijstelling ten voordele van bepaalde activiteiten van algemeen belang: meer bepaald worden de activiteiten die bestemd zijn om financiële steun te verkrijgen licht aangepast om een betere omzetting van de btw-richtlijn te krijgen (art. 44, § 2, 12° WBTW)

4) het recht op aftrek van de btw geheven van de aankoop van geestrijke dranken: de btw-aftrek wordt toegestaan voor de levering van geestrijke dranken als handelsmonster of in het kader van een proeverij ingevolge de aanmerking als publiciteitskost (art. 45, § 3, 2° WBTW)

5) de verplichting om het btw-identificatienummer mee te delen: de invoering van een verbod voor de vrijgestelde kleine ondernemingen en de landbouwers onderworpen aan de bijzondere landbouwregeling om hun btw-identificatienummer aan hun aannemer van werk in onroerende staat mee te delen (art. 53quater, § 1 WBTW). Zij dienen geen btw-aangiften in en kunnen bijgevolg niet in aanmerking komen voor de verlegging van heffing die de aannemer dient toe te passen (art. 20, KB nr. 1)

6) hoedanigheid curator: de curator in de context van de vereffening van het faillissement wordt in de plaats gesteld van de gefailleerde belastingplichtige, voor alle door het WBTW en ter uitvoering ervan genomen besluiten aan de laatstgenoemde toegekende rechten en opgelegde verplichtingen (art. 53undecies (nieuw) WBTW)

7) de forfaitaire regeling: herwerking van het huidige artikel 56, § 1 WBTW en integratie van sommige bepalingen van het KB nr. 2 in een nieuw ontworpen artikel 56 WBTW (met ingang van 1 januari 2019, of een vroegere datum bij KB te bepalen). Sommige vennootschapsvormen die een volledige boekhouding moeten voeren, zullen vanaf 1 januari 2020 geen gebruik meer kunnen maken van een forfaitaire regeling

8) de verplichtingen van eigenaars van nieuwe gebouwen: de verplichting tot het indienen van een aangifte wordt vervangen door de verplichting om een eenvoudige lijst van gegevens in te dienen met betrekking tot het opgerichte gebouw via een standaardformulier waarvan het model en de indieningsmodaliteiten worden bepaald via KB, zonder dat de ondersteunende documenten (kopieën van de plannen en bestekken van het gebouw evenals van alle relevante facturen en andere bewijselementen (bv. met betrekking tot het eigen werk van de belastingplichtige of werk dat gratis werd uitgevoerd door familieleden) moeten worden meegestuurd (art. 64, § 4 WBTW).

Het wetsontwerp brengt tenslotte technische wijzigingen aan in de bepalingen van het WBTW die met name aansluiten bij vroegere wijzigingen van de nationale wetgeving (art. 15, § 2 / art. 44, § 3, 14° WBTW / art. 53decies / art. 53duodecies (nieuw) / art. 54 / art. 56bis / art. 93undecies C, § 1) .

Tevens wordt een KB genomen in uitvoering van artikel 37, § 1 van het WBTW bekrachtigd. Het betreft het KB inzake het btw-tarief voor producten bestemd voor de intieme hygiënische bescherming en de externe defibrillatoren. Bemerk dat in zijn advies de Raad van State gesteld heeft dat een verlaagd btw-tarief voor externe defibrillatoren niet verenigbaar is met de btw-richtlijn.

Inwerkingtreding: 20 augustus 2018 (behalve de bepalingen inzake de forfaitaire regeling = 1 januari 2019, en de bepalingen inzake verbod op mededeling btw-identificatienummer voor kleine ondernemingen en forfaitaire landbouwers = 1 oktober 2018).